Om de detailhandel veerkrachtig en vitaal te houden is een goede samenwerking tussen winkeliers en politiek noodzakelijk. De winkeliers van Nederland kunnen grote stappen maken wanneer de overheid erin slaagt betere randvoorwaarden te creëren voor ondernemen in de detailhandel. Dit is de kern van het pleidooi van Detailhandel Nederland en de inzet voor Tweede Kamerverkiezingen.
Alle politieke partijen is in een brief gevraagd deze speerpunten mee te nemen bij het schrijven van hun verkiezingsprogramma. De detailhandel heeft een jaarlijkse omzet van € 80 miljard en biedt werk aan meer dan 750.000 mensen - winkeliers en medewerkers. Daarmee vormt deze sector een essentieel en onmisbaar onderdeel van de Nederlandse economie.
Koopzondagen lokaal beslissen
Detailhandel Nederland pleit ervoor dat gemeenten samen met winkeliers bepalen of, en zo ja hoeveel, koopzondagen er in een gemeente zijn. De toerismebepaling moet worden geschrapt, koopzondagen hebben immers niets met toerisme te maken. Wanneer een gemeente besluit koopzondagen toe te staan, moet rechtsongelijkheid zoveel mogelijk worden voorkomen. Het zou niet zo mogen zijn dat bijvoorbeeld door een vergunningensysteem geen sprake meer is van een gelijk speelveld.
Huurbescherming voor winkeliers bij renovatie
Sinds 2003 kunnen verhuurders van winkelruimten huurcontracten beëindigen wegens dringend eigen gebruik, waaronder renovatie. Hierdoor is de huurbescherming ernstig uitgehold en kunnen winkeliers onder dit voorwendsel op straat worden gezet. Deze constructie wordt door de verhuurders steeds vaker toegepast en misbruikt. De winkelier krijgt geen schadevergoeding of vervangende winkelruimte en blijft met lege handen achter. De advocaat-generaal bij de Hoge Raad noemt het ‘een vergissing van de wetgever’ dat genoemde renovatiebepaling in de wet is opgenomen. Detailhandel Nederland pleit voor een eenvoudige wetswijziging waardoor de verhuurder niet meer zomaar huurcontracten kan beëindigen.
Harder straffen van geweld tegen winkeliers en hun medewerkers
Winkeliers en hun medewerkers zijn trots op hun werk, maar worden geconfronteerd met brute overvallen, agressie en meer. Dit is slecht voor de winkeliers en medewerkers, slecht voor de economie en slecht voor de samenleving. Detailhandel Nederland eist dat geweld tegen winkeliers en medewerkers harder gestraft wordt. Dit schrikt potentiële overvallers af. Niet alleen werknemers met een publieke taak (ambulancepersoneel, politie, trambestuurders) verdienen extra bescherming, maar ook winkeliers en hun medewerkers.
Kleine baantjes
Als gevolg van de economische situatie is een zogenaamde ‘kleine baantjes-regeling’ van kracht geworden. Deze regeling is echter beperkt van omvang en duur en biedt onvoldoende soelaas. Detailhandel Nederland zou graag zien dat de regeling een permanent karakter krijgt en dat de medewerkers met een beperkt dienstverband vrijgesteld worden van het betalen van premies en loonbelasting. Hierdoor wordt het voor jongeren veel aantrekkelijker om te gaan werken en zijn de werkgevers verlost van veel administratieve lasten.
Afschaffen munten van 1 en 2 eurocent
De circulatie van munten van 1 en 2 eurocent blijft een grote kostenpost voor winkelier en consument, terwijl deze niet noodzakelijk zijn in het Nederlandse betalingsverkeer. Contante betalingen worden consequent afgerond en bedragen kunnen op de cent nauwkeurig elektronisch worden betaald. Detailhandel Nederland voert geen pleidooi voor het afronden van prijzen maar voor een efficiënter betalingsverkeer
Volledig harmoniseren consumentenrecht
De Europese Commissie wil het consumentenrecht herzien. Door volledige harmonisatie moet
één gelijk speelveld gecreëerd worden. Dit zou betekenen dat bij het sluiten van een overeenkomst, in Europa één set van regels gaat gelden. Van deze regels mogen lidstaten niet afwijken, noch naar beneden, noch naar boven. Met name aan de zijde van landen met een relatief hoog niveau van consumentenbescherming bestaat koudwatervrees om concessies te doen. De huidige verschillen leveren echter grote onzekerheid op voor consumenten die grensoverschrijdend producten willen aankopen en ook voor winkels die grensoverschrijdend hun producten aanbieden en verkopen. Het kabinet en het nationale parlement zouden daarom de Europese Commissie moeten steunen in haar streven tot een gelijk speelveld te komen.